|
|
Bouwen aan vrede: de vredesmissie in Afghanistan Rob de Wijk en Willem van de Put Gespreksleider: Ko Colijn (bijzonder hoogleraar internationale betrekkingen Erasmus Universiteit te Rotterdam, journalist) |
In het buitenlandbeleid speelt het deelnemen aan vredesmissies een belangrijke rol. De zogenaamde 3D’s staan daarbij centraal: defensie, diplomatie en wederopbouw (development). Op deze manier komt een geïntegreerde benadering tot stand, gericht op drie componenten: veiligheid en stabiliteit, bestuur en democratisering, en sociaal-economische ontwikkeling. De lokale civiele omgeving lijkt hierbij een belangrijke rol te spelen. Voor zover bekend wordt er door Defensie in de voorbereiding van een missie en de te kiezen aanpak, niet geanalyseerd in hoeverre ‘haat’ een rol speelt in het conflict. Een omissie die succes van elke vredesmissie ondermijnt en die in Afghanistan in het bijzonder? |
|
|
Waarheid en verzoening: Zuid-Afrika, het goede voorbeeld? Awraham Soetendorp en Eddy van der Borght Gespreksleider: Henk Jan Dalewijk (psychiater, tot voor kort lid Raad van Bestuur van de Symfora Groep) |
| Tijdens het Apartheidsregime in Zuid-Afrika zijn de mensenrechten op grove wijze geschonden. Vervolging van alle daders was onbegonnen werk, maar amnestie voor iedereen vond men ook onwenselijk. Men besloot persoonlijke amnestie alleen toe te kennen als de persoon in kwestie de volledige waarheid zou onthullen over zijn of haar misdaden onder de Apartheid. Het doel was onder andere om een zo volledig mogelijk beeld te schetsen van de begane mensenrechten- schendingen en ook om de waardigheid van de slachtoffers te herstellen. Waarom heeft er in Zuid-Afrika geen ‘bijltjesdag’ plaatsgevonden? Is er werkelijk verzoend of vergeven? Of heeft men de latente haatgevoelens in Zuid-Afrika toch onderschat? Is een waarheids- en verzoeningscommissie ook een optie voor andere landen? Wat zijn de voorwaarden hiervoor? |
|
|
Haten en gehaat worden: daders en slachtoffers (E) Salman Akhtar en Vamik D. Volkan Gespreksleider: Arend Veeninga (psychiater, Altrecht, Den Dolder) |
Bij oorlogen en conflicten gaat het al snel over de schuldvraag. Wie zijn de daders en wie de slachtoffers? Een geweldsconflict moet het liefst overzichtelijk zijn, opdat de daders veroordeeld kunnen worden, de helden geëerd en de slachtoffers getroost of herdacht. Maar slachtoffers zijn lang niet altijd de onschuldige personen die onze sympathie verdienen. Zoals ook in de huiselijke sfeer slachtoffers tot dader kunnen worden, geldt dat evenzo voor oorlogen en gewelddadige conflicten. De overlap tussen victimisatie en delinquentie lijkt aanzienlijk. Kan deze cyclus worden doorbroken en hoe dan? Confrontatie met dadergedrag is immers niet eenvoudig en roept veel weerstand op. Welke instrumenten heeft bijvoorbeeld de hulpverlening als blijkt dat er meer gelijkenissen dan verschillen zijn tussen beide groepen zowel in problematiek (bijvoorbeeld in de mate van traumatisering), als behandelmogelijkheden? |
|
|
De rol van de media en propaganda Cees J. Hamelink en Bertus Hendriks Gespreksleider: Pieter Broertjes (voormalig hoofdredacteur De Volkskrant) |
| De media brengen de vaak ingewikkelde politieke gebeurtenissen terug tot gemakkelijk te bevatten categorieën van goed en kwaad. Het gebruik van geweld voor de goede zaak wordt daardoor voor velen acceptabel. Beelden en geschreven teksten kunnen de empathie opwekken voor een bepaalde groep, en tegelijkertijd de haat tegen een andere groep aanwakkeren. Elk jaar worden mensen het slachtoffer van genocide veroorzaakt door propaganda. Het ultieme voorbeeld daarvan is de haatpropaganda via Radio Mille Collines in Rwanda, die tot gevolg had dat in enkele maanden tijd 800.000 Tutsi’s en gematigde Hutu’s werden vermoord door gewapende Hutu-extremisten. Welke rol spelen de media enerzijds bij het aanzetten tot haat en anderzijds wat kunnen de media doen bij het tegengaan daarvan. Met andere woorden: hoe ver reikt de verantwoordelijkheid en de invloed van de media? Maar ook: kan daar op worden ingegrepen, bijvoorbeeld door ‘hate speech’ te rapporteren en voortijdig te berechten? |
|
|
De rol van religie: de islam en moslims in Europa (E) Tariq Ramadan en Dominique Moïsi Gespreksleider: Ruard Ganzevoort (hoogleraar pastorale theologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam) |
| Religie predikt in beginsel de vrede, maar is vaak ook een bron van conflicten en veel ellende. Met name in een groot aantal Europese landen met een overwegend christelijke traditie brengt de komst van vluchtelingen en asielzoekers met een islamitische achtergrond veel problemen met zich mee. Soms leidt dat tot gewelddadige confrontaties. Sowieso speelt bij veel uitingen van geweld religie een rol. Hoe komt dat? Welke rol speelt religie eigenlijk precies in het ontstaan en versterken van haat? Hoe manifesteert het zich in retoriek en beeldvorming? En kan religie ook een rol spelen bij het tot stand brengen van verzoening? |
|
|
De rol van armoede: het Afrikaanse continent Bert Koenders en Piet Emmer Gespreksleider: Micha de Winter (hoogleraar Maatschappelijke Opvoedingsvraagstukken aan de Universiteit Utrecht) |
| Armoede is wereldwijd een groot probleem en komt voort uit machtsongelijkheid. Met name in Afrika is armoede een structureel probleem. De daaruit voortvloeiende interne verdelingsconflicten leiden tot een verhoogd risico op geweldsescalatie met als gevolg bevolkingsverschuivingen en migraties, die op hun beurt weer leiden tot migratiebrandhaarden. als gevolg. Armoede ontneemt mensen de mogelijkheden om te overleven, zich te ontwikkelen en op te bloeien; het ontneemt hen gelijke kansen. Door armoede zijn mensen kwetsbaarder voor uitbuiting, mishandeling, geweld, discriminatie en stigmatisering. Dit zijn allemaal voedingsbronnen voor geweld. Is het te voorkomen? Moet eerst de armoede worden opgelost om latente haatgevoelens te neutraliseren? |
|
|
Etnische conflicten en wederopbouw: Congo en Burundi Evert Kets (tweede spreker volgt) (Gespreksleider volgt) |
| Zowel in Congo als in Burundi bracht de nieuw verworven onafhankelijkheid conflicten over de bestuurlijke en economische machtsverdeling met zich mee. Etnische verschillen, waar voorheen niet echt een rol van betekenis aan werd toegekend, werden door de strijd over de machtsverdeling opeens wel van belang en hadden een katalyserend effect op de verdere intensivering en uitbreiding van vijandigheden, hetgeen in sommige gevallen aanleiding gaf tot zeer ernstig geweld met genocidale trekken. De vraag rijst hiermee tot op welke hoogte het nog mogelijk is te komen tot de opbouw van een vreedzame en duurzame maatschappij wanneer de haat tussen de verschillende etnische bevolkingsgroepen zulke ernstige wreedheden in oorlogstijd tot gevolg heeft gehad. |